Posts By :

faam-admin

Bezitseis BOR geldt per aandelenpakket afzonderlijk

Bezitseis BOR geldt per aandelenpakket afzonderlijk 800 533 AL Raad & Partners

Een echtpaar houdt sinds 1986 respectievelijk 51% en 49% van de aandelen in een holding. Tussen hen bestaat geen gemeenschap van goederen. Na het overlijden van de man in 2016 verkrijgt de vrouw zijn 51%-pakket. Vanaf dat moment houdt zij 100% van de aandelen. In 2020 volgt een juridische splitsing, waarbij een deel van het vermogen wordt afgesplitst naar een nieuw opgerichte bv. De vrouw schenkt op dezelfde dag alle aandelen in deze nieuwe bv aan haar dochter. 

BOR

De dochter doet een beroep op de BOR voor het volledige aandelenpakket. De inspecteur wijst dit gedeeltelijk af. Hij past de BOR slechts toe op 49% van de aandelen, omdat moeder de overige 51% nog geen vijf jaar in bezit had op het moment van de schenking. De dochter stelt dat de wet niet vereist dat het gehele geschonken pakket vijf jaar in bezit moet zijn geweest. Daarnaast beroept zij zich op het doel en de strekking van de BOR: moeder verkreeg de 51% immers krachtens erfrecht van vader, die de aandelen zelf decennialang hield.

Bezitseis

Het hof oordeelt dat de tekst van de wet duidelijk is. Deze vereist dat de schenker de geschonken aandelen gedurende vijf jaar voorafgaand aan de schenking onafgebroken in bezit heeft gehad. Moeder voldoet aan deze eis voor het 49%-pakket dat zij sinds 1986 houdt, maar niet voor de 51% die zij pas in 2017 verkreeg. De BOR is daarom slechts van toepassing op 49% van de schenking. Het hof komt niet toe aan een uitleg naar het doel en de strekking van de BOR, omdat de wettekst geen ruimte voor twijfel laat. De Uitvoeringsregeling schenk- en erfbelasting voorziet weliswaar in uitzonderingen op de bezitseis, maar niet in een situatie als deze waarin de schenker binnen vijf jaar vóór de schenking aandelen krachtens erfrecht verkrijgt.

Bron:Gerechtshof Den Haag| jurisprudentie| ECLI:NL:GHDHA:2026:114| 24-02-2026

Geen aftrek voor fiscale eenheid omdat onderneming deelneming al was beëindigd bij voeging

Geen aftrek voor fiscale eenheid omdat onderneming deelneming al was beëindigd bij voeging 800 532 AL Raad & Partners

Een bv houdt een deelneming in een op Isle of Man gevestigde Ltd die een jacht verhuurt. De Ltd wordt geliquideerd en de moedermaatschappij van de fiscale eenheid wil ruim € 6 miljoen liquidatieverlies in aftrek brengen. De inspecteur weigert de aftrek. De onderneming van de Ltd was volgens hem al gestaakt toen de bv in de fiscale eenheid werd gevoegd. Het liquidatieverlies kan dan alleen worden afgezet tegen de winst van die bv zelf. 

Van luxejacht naar liquidatie

De Ltd exploiteert sinds 2005 een jacht. De activiteiten bestaan uit verhuur aan gelieerde partijen en derden. De Ltd is vanaf de oprichting structureel verlieslatend. Een Nederlandse bv verstrekt leningen aan de Ltd om de verliezen te compenseren en zet deze in 2013 om in kapitaal. In 2017 wordt het jacht nog slechts verhuurd aan de aandeelhouder en een gelieerde partij. Vanaf augustus 2017 tot april 2018 vindt geen verhuur plaats. Per 1 april 2018 wordt de bv gevoegd in een fiscale eenheid. In december 2018 wordt het jacht verkocht aan de aandeelhouder. De Ltd wordt op 4 november 2019 ontbonden zonder liquidatie-uitkering.

Zes miljoen aftrek of nul?

De moedermaatschappij van de fiscale eenheid claimt een liquidatieverlies van ruim € 6 miljoen en wil dit verrekenen met de winst van de gehele fiscale eenheid. De inspecteur stelt dat het liquidatieverlies slechts in aftrek kan komen voor zover de winst is toe te rekenen aan de bv die de deelneming hield. De onderneming van de deelneming is geheel of nagenoeg geheel gestaakt op het moment van voeging in de fiscale eenheid. 

Geen verhuur, geen onderneming

De rechtbank oordeelt dat het aan de moedermaatschappij is om te bewijzen dat de onderneming van de Ltd nog niet geheel of nagenoeg geheel was gestaakt op het voegingstijdstip. De moedermaatschappij betoogt dat de omzet niet tot minder dan 10% is teruggelopen en stelt inspanningen te hebben verricht om het jacht te verhuren, maar levert daarvoor geen bewijs. Het liquidatieverlies kan daarom alleen in aftrek komen voor zover de winst aan de bv is toe te rekenen. Die bv behaalde in 2019 echter een negatief resultaat, zodat het liquidatieverlies niet in aftrek komt.

Bron:Rechtbank Zeeland-West-Brabant| jurisprudentie| ECLI:NL:RBZWB:2026:277| 21-01-2026

Forfaitaire rendementen banktegoeden en schulden 2025

Forfaitaire rendementen banktegoeden en schulden 2025 800 534 AL Raad & Partners

De staatssecretaris van Financiën heeft de forfaitaire rendementspercentages in box 3 voor banktegoeden en schulden voor het jaar 2025 vastgesteld. Voor banktegoeden bedraagt het forfaitaire rendement 1,37%. Voor schulden is het forfaitaire rendement vastgesteld op 2,70%. Deze rendementen vervangen met terugwerkende kracht tot 1 januari 2025 de in de wet opgenomen rendementen van 1,44% en 2,61%.

Bron:Ministerie van Financiën| besluit| stcrt-2026-3708| 23-02-2026

Collectieve uitspraak massaal bezwaar belastingrente

Collectieve uitspraak massaal bezwaar belastingrente 800 533 AL Raad & Partners

Onlangs heeft de inspecteur van de Belastingdienst collectief uitspraak gedaan op de bezwaren die vallen onder de massaal bezwaarprocedures tegen de hoogte van het belastingrentepercentage. De collectieve uitspraken volgen op de Kamerbrief van 13 februari 2026, waarin is aangekondigd dat de inspecteur deze beslissing zou nemen.

Inkomstenbelasting en andere belastingen

De inspecteur heeft de bezwaren tegen de hoogte van het belastingrentepercentage voor de inkomstenbelasting en andere belastingen afgewezen. De Hoge Raad heeft in zijn uitspraak van 16 januari 2026 aangegeven dat het algemene rentepercentage mag worden toegepast voor de inkomstenbelasting en andere belastingmiddelen. Hiermee is het standpunt van de Belastingdienst bevestigd. Bezwaarmakers ontvangen geen individuele uitspraak. Personen die uitstel van betaling hebben gekregen in verband met het bezwaar, ontvangen een brief waarin staat dat dit uitstel afloopt. Tegen deze collectieve uitspraak is geen beroep mogelijk.

Vennootschapsbelasting

De inspecteur wijst alle bezwaren toe die onder de massaal bezwaarprocedure vallen. De Belastingdienst stuurt binnen zes maanden na de collectieve uitspraak een vermindering met een aangepast bedrag aan belastingrente. Bezwaarmakers ontvangen geen individuele reactie.

Nog geen bezwaar gemaakt?
Wanneer een aanslag vennootschapsbelasting is ontvangen met een onjuist, te hoog belastingrentepercentage, kan dit aanleiding zijn om bezwaar te maken. Of dat nog mogelijk of nodig is, hangt af van de datum die op de aanslag staat. Hieronder staat per periode wat de situatie betekent voor de aanslag en welke stappen eventueel nodig zijn.

17 januari 2026 t/m 7 februari 2026
Voor aanslagen binnen deze periode kan de Belastingdienst een verkeerd belastingrentepercentage hebben toegepast. Als dat zo is, wordt dit automatisch hersteld. Er is geen actie nodig. De Belastingdienst stuurt hierover een apart bericht.

5 december 2025 t/m 16 januari 2026
In deze periode kan een onjuist belastingrentepercentage zijn gebruikt. Wanneer vermindering van de belastingrente gewenst is, moet bezwaar worden ingediend binnen de wettelijke bezwaartermijn. Als die termijn inmiddels is verstreken, kan een verzoek om vermindering worden gedaan.

4 december 2025 of eerder
Voor aanslagen met deze datum is het niet meer mogelijk om het gehanteerde belastingrentepercentage aan te passen. Bezwaar of een verzoek om vermindering heeft in deze gevallen geen effect op het belastingrentepercentage.

Bron:Belastingdienst| persbericht| 24-02-2026

Geen piekvereiste voor fiscale onderhoudsvoorziening

Geen piekvereiste voor fiscale onderhoudsvoorziening 800 531 AL Raad & Partners

Een woningcorporatie vormt een fiscale voorziening voor toekomstig onderhoud aan haar woningcomplexen. De inspecteur stelt dat dit alleen mag als de onderhoudsuitgaven in een jaar substantieel hoger zijn dan gemiddeld: het zogenoemde piekvereiste. Als de uitgaven zich gelijkmatig over de jaren verdelen, is er volgens de inspecteur geen rechtvaardiging voor een voorziening. De woningcorporatie is het daarmee oneens. Geldt voor een onderhoudsvoorziening een piekvereiste?

Onderhoudsvoorziening

Een woningcorporatie bezit ruim 33.000 verhuureenheden, verdeeld over ongeveer 600 complexen. In haar aangifte vennootschapsbelasting 2016 neemt zij een onderhoudsvoorziening op van € 143 miljoen. De inspecteur corrigeert het volledige bedrag. Partijen leggen hun geschil voor aan de rechter en komen overeen dat de voorziening € 54 miljoen bedraagt als geen piekvereiste geldt en vrijwel nihil als dat wel het geval is.

Piekvereiste

De inspecteur stelt dat een onderhoudsvoorziening alleen mag worden gevormd als de toekomstige uitgaven substantieel afwijken van de gemiddelde jaarlijkse onderhoudskosten. Hij baseert dit op een arrest van de Hoge Raad uit 1980 over de kostenegalisatiereserve. Daarin is bepaald dat een dergelijke reserve kan worden gevormd voor niet jaarlijks tot uitgaven leidend onderhoud, mits relatief van enige betekenis. Volgens de inspecteur geldt dit criterium ook voor de onderhoudsvoorziening.

Baksteenarrest

Het hof oordeelt dat voor een onderhoudsvoorziening geen piekvereiste geldt. Volgens het Baksteenarrest mag een voorziening worden gevormd als de uitgaven hun oorsprong vinden in feiten vóór de balansdatum, zij aan die periode kunnen worden toegerekend en met een redelijke mate van zekerheid zullen plaatsvinden. Het Baksteenarrest biedt geen aanknopingspunten voor een piekvereiste.

Reserve vs voorziening

Het arrest uit 1980 waarop de inspecteur zich beroept, betrof de kostenegalisatiereserve en niet de onderhoudsvoorziening. Een kostenegalisatiereserve is fiscaal eigen vermogen, gebaseerd op een wettelijke bepaling en gericht op egalisatie van kosten. Een voorziening daarentegen is vreemd vermogen, gebaseerd op goed koopmansgebruik en gericht op het toedelen van uitgaven aan de jaren waarin zij thuishoren. Beide zijn geen vergelijkbare fenomenen. Het hof bevestigt dat voor een fiscale onderhoudsvoorziening alleen de criteria uit het Baksteenarrest gelden: oorsprong, toerekening en zekerheid. Een piekvereiste is niet aan de orde. Ook als de onderhoudsuitgaven zich gelijkmatig over de jaren verdelen, mag een voorziening worden gevormd. De inspecteur kan tegen deze uitspraak cassatie instellen bij de Hoge Raad.

Bron:Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch| jurisprudentie| ECLI:NL:GHSHE:2025:3707| 23-12-2025

Stilzitten bij lening aan dga is nog geen prijsgeven

Stilzitten bij lening aan dga is nog geen prijsgeven 800 533 AL Raad & Partners

Een bv heeft een forse vordering op haar dga. De bv onderneemt geen actie om de vordering te innen, terwijl duidelijk is dat de dga deze niet kan aflossen. De inspecteur stelt dat dit stilzitten neerkomt op het prijsgeven van de vorderingen en dus een winstuitdeling vormt. De dga betwist dit. Zonder formele kwijtschelding is geen sprake van prijsgeven.

Lening van bv

Een dga leent in de loop der jaren forse bedragen van zijn bv voor de aankoop van een woning in Nederland, een woning in Spanje en effecten. Daarnaast loopt een rekening-courantschuld op. Eind 2014 bedraagt de totale schuld ruim € 2,3 miljoen. De winstreserves van de bv bedragen circa € 2 miljoen. Uit correspondentie met de Belastingdienst blijkt dat de dga de schulden niet kan aflossen. De waarde van de effecten is gedaald, de Nederlandse woning is verkocht zonder dat de opbrengst werd gebruikt voor aflossing en de dga emigreert in 2014 naar Spanje. De inspecteur legt navorderingsaanslagen op over 2012 en 2014.

Stilzitten

De inspecteur stelt dat de bv haar rechten als schuldeiser heeft prijsgegeven door geen actie te ondernemen, terwijl een onafhankelijke derde dat wel zou doen. Dit onzakelijke stilzitten vormt volgens de inspecteur een winstuitdeling. De dga bepleit een formeel-juridische benadering: pas bij kwijtschelding of liquidatie is sprake van prijsgeven. Het enkele stilzitten is daarvoor onvoldoende. De rechtbank vernietigt de navorderingsaanslagen. De inspecteur gaat in hoger beroep.

Prijsgeven

Volgens een arrest van de Hoge Raad van 13 januari 2023 kan een lening na verstrekking alsnog een onttrekking vormen als de bv haar rechten als schuldeiser prijsgeeft. Uit eerdere rechtspraak leidt het hof af dat het enkele stilzitten onvoldoende is voor prijsgeven. Pas wanneer de vordering in formeel-juridische zin tenietgaat, bijvoorbeeld door kwijtschelding of liquidatie, is sprake van prijsgeven. De bv heeft geen actieve handelingen verricht waaruit formeel prijsgeven blijkt. De totale schuld vormt daarom geen winstuitdeling. Wel oordeelt het hof dat de jaarlijkse toename van de rekening-courantschuld in 2012 en 2014 een winstuitdeling vormt. Op het moment van bijschrijving stond immers vast dat de dga die bedragen niet kon of zou aflossen.

Winstuitdeling

Het enkel niet innen van een vordering is nog geen prijsgeven. Daarvoor is een formele handeling nodig, zoals kwijtschelding. Nieuwe opnames in rekening-courant kunnen wel direct als uitdeling kwalificeren als op dat moment vaststaat dat de dga niet kan of zal aflossen. Dga’s met een oplopende schuld aan hun bv doen er verstandig aan de situatie tijdig te beoordelen.

Bron:Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch| jurisprudentie| ECLI:NL:GHSHE:2025:3620| 16-12-2025

Woonkamer zonder eigen toilet is geen zelfstandige werkruimte

Woonkamer zonder eigen toilet is geen zelfstandige werkruimte 800 450 AL Raad & Partners

Een zelfstandig sportinstructeur maakt tijdens de coronalockdown instructievideo’s vanuit haar woonkamer. Zij brengt een deel van de huur van haar appartement ten laste van haar winst. De inspecteur weigert de aftrek, omdat de woonkamer geen zelfstandige werkruimte is. De onderneemster stelt dat de verkeersopvattingen door de coronacrisis zijn veranderd: thuiswerken is immers normaal geworden. Heeft zij recht op aftrek van de huurkosten?

Woonkamer

Een vrouw huurt een appartement voor € 700 per maand. Het appartement heeft één toilet en één badkamer. De ruimtes zijn van elkaar af te scheiden door binnendeuren. De vrouw heeft een eenmanszaak waarmee zij lesgeeft in zumba, yoga, barre en pilates bij diverse sportscholen. Daarnaast verzorgt zij kookworkshops. In 2020 maakt zij vanuit haar woonkamer instructievideo’s en podcasts tijdens de coronalockdown. Zij brengt € 5.400 aan huurkosten ten laste van haar winst uit onderneming. De inspecteur corrigeert deze aftrekpost.

Werkruimte

Kosten van een werkruimte in de eigen woning zijn alleen aftrekbaar als die ruimte naar verkeersopvatting een zelfstandig gedeelte vormt. De onderneemster stelt dat haar woonkamer daaraan voldoet. De ruimte heeft een eigen deur en fungeert als studioruimte. Zij woont naar eigen zeggen in de keuken en slaapkamer. Bovendien zijn de verkeersopvattingen veranderd door de coronacrisis, toen thuiswerken de norm werd. De inspecteur betwist dat de woonkamer zelfstandig is.

Zelfstandigheid

Het hof oordeelt dat de woonkamer geen zelfstandig gedeelte van het appartement vormt. Voor zelfstandigheid is vereist dat de ruimte door uiterlijke kenmerken duidelijk te onderscheiden is, bijvoorbeeld door een eigen opgang of ingang én eigen sanitaire voorzieningen. Het toilet en de badkamer behoren tot het appartement als geheel en niet tot de woonkamer. Zonder eigen toilet heeft de woonkamer onvoldoende zelfstandigheid om als aparte werkruimte te kwalificeren. Dat tijdens de coronacrisis vaker thuis werd gewerkt, verandert de verkeersopvattingen niet zodanig dat de behoefte aan eigen sanitair minder belangrijk is geworden. De huurkosten zijn niet aftrekbaar.

Bron:Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden| jurisprudentie| ECLI:NL:GHARL:2026:698| 02-02-2026

Voetbalkaartjes voor werknemers zijn loon in natura

Voetbalkaartjes voor werknemers zijn loon in natura 800 450 AL Raad & Partners

Een schoonmaakbedrijf beschikt over twee seizoenkaarten voor Ajax en koopt nog 22 kaarten voor de wedstrijd Ajax-Juventus. De kaarten worden gebruikt door werknemers en de aandeelhouder. Het bedrijf stelt dat de kaarten dienen voor acquisitie en relatiebeheer. De inspecteur legt een naheffingsaanslag loonheffingen op. Het bedrijf heeft namelijk niet geadministreerd wie de wedstrijden heeft bezocht en met welk doel. Is de naheffing terecht?

Zakelijk?

Het bedrijf stelt dat de kaarten acquisitiemiddelen zijn. Potentiële klanten worden meegenomen naar wedstrijden of krijgen kaarten ter beschikking gesteld. Tijdens wedstrijden en evenementen in het stadion doet het bedrijf nieuwe contacten op die leiden tot omzet. De schoonmaakbranche is een competitieve markt waarin contracten tot stand komen op basis van persoonlijke gunning en netwerken. Volgens het bedrijf heeft de inspecteur niet aannemelijk gemaakt dat sprake is van een voordeel in natura.

Privé

De rechtbank oordeelt dat het bezoeken van voetbalwedstrijden in hoge mate een recreatief karakter heeft. Werknemers die een wedstrijd bezoeken, doen dat in beginsel uit eigen persoonlijke behoeftenbevrediging. Het is vervolgens aan het bedrijf om het zakelijke karakter van de verstrekking aannemelijk te maken. Daarin slaagt het bedrijf niet. Het bedrijf heeft niet inzichtelijk gemaakt wie de kaarten heeft gebruikt en of dat een zakelijk of privédoel had. Dat tijdens een wedstrijdbezoek een contact kan worden opgedaan dat uitgroeit tot een zakelijk contact, neemt het consumptieve karakter van het bezoek niet weg. De naheffingsaanslag is terecht opgelegd.

Bron:Rechtbank Gelderland| jurisprudentie| ECLI:NL:RBGEL:2025:5000| 25-06-2025

Geen renteaftrek bij verlengde looptijd na oversluiten hypotheek

Geen renteaftrek bij verlengde looptijd na oversluiten hypotheek 800 533 AL Raad & Partners

Een man koopt in 2014 een woning en financiert deze met een hypothecaire lening. Deze lening heeft een looptijd tot 2045 en kwalificeert als een ‘eigenwoningschuld’. In 2021 sluit de man deze lening over naar een andere geldverstrekker. De nieuwe lening krijgt echter opnieuw een looptijd tot 2051. Wanneer de man zijn aangifte inkomstenbelasting indient, claimt hij aftrek van de rente en financieringskosten van deze nieuwe lening. De inspecteur accepteert deze aftrekposten niet, omdat de looptijd van de overgesloten lening te lang is.

Looptijd aangepast

De man stelt dat de overgesloten hypotheek alsnog met terugwerkende kracht als eigenwoningschuld moet gelden. Hij wijst erop dat de lening in 2024 is aangepast, waardoor een deel van de lening wel voldoet aan de oorspronkelijke einddatum van 2045. Deze aanpassing vond plaats voordat de aanslag voor 2021 onherroepelijk vaststond. Daarnaast bepleit de man een proportionele aftrek van de financieringskosten. Volgens hem kwalificeert de lening voor 26 van de 30 jaar wel als eigenwoningschuld, waardoor een deel van de kosten aftrekbaar zou moeten zijn.

Wettelijke vereisten

De rechtbank legt uit dat een schuld alleen een eigenwoningschuld is als deze tijdens de looptijd wordt afgelost en de looptijd maximaal 360 maanden bedraagt. Bij het oversluiten van een lening mag de looptijd van de nieuwe schuld niet langer zijn dan de resterende looptijd van de oorspronkelijke schuld. De rechtbank stelt vast dat de nieuwe lening in 2021 opnieuw een looptijd van 360 maanden kreeg, zonder rekening te houden met de reeds verstreken looptijd van de eerdere lening. De lening had maximaal tot 2045 mogen lopen om als eigenwoningschuld te kwalificeren.

Geen terugwerkende kracht of proportionele aftrek

De rechtbank volgt de man niet in zijn stelling dat de latere aanpassing van de lening in 2024 met terugwerkende kracht geldt voor 2021. De aflossingsverplichtingen moeten bij het aangaan van de schuld zijn overeengekomen in de leningovereenkomst. Hoewel de looptijd later is aangepast, ging deze wijziging pas in september 2024 in. Voor het jaar 2021 voldeed de lening niet aan de wettelijke voorwaarden en dit kan niet met terugwerkende kracht worden hersteld. Ook het argument voor een proportionele aftrek van financieringskosten wordt afgewezen. De wet voorziet niet in een dergelijke verdeling van aftrekbaarheid.

Bron:Rechtbank Midden-Nederland| jurisprudentie| ECLI:NL:RBNNE:2026:30| 07-01-2026

Geen giftenaftrek zonder Nederlandse anbi-registratie

Geen giftenaftrek zonder Nederlandse anbi-registratie 800 450 AL Raad & Partners

Een man doet giften aan instellingen in Duitsland en Zwitserland. Deze instellingen zijn in hun eigen land erkend als algemeen nut beogend, maar hebben geen Nederlandse anbi-status aangevraagd. De inspecteur weigert daarom de giftenaftrek. De man stelt dat de registratievoorwaarde in strijd is met het vrije kapitaalverkeer. Van buitenlandse instellingen kan volgens hem niet worden verlangd dat zij in Nederland een anbi-status aanvragen.

Registratievoorwaarde

De man beroept zich op het arrest Persche van het Hof van Justitie. Hij stelt dat de buitenlandse instellingen ook voldoen aan de Nederlandse materiële voorwaarden voor een anbi-status. Vanwege de bewerkelijkheid van het registratietraject kan van buitenlandse instellingen niet in redelijkheid worden verlangd dat zij in Nederland een aanvraag indienen. De registratievoorwaarde vormt daarom een belemmering van het vrije kapitaalverkeer.

Geen onderscheid

Het gerechtshof verwerpt dit betoog. De wet maakt geen onderscheid naar vestigingsplaats en de procedure is niet onredelijk bezwarend. De Hoge Raad oordeelt dat de registratievoorwaarde juridisch geen onderscheid maakt naar vestigingsplaats. Zowel in Nederland als in andere lidstaten gevestigde instellingen kunnen verzoeken om als anbi te worden aangemerkt. Ook van een indirect onderscheid is geen sprake. De voorwaarde treft naar haar aard buitenlandse instellingen niet meer dan binnenlandse instellingen. Dat de aanvraagprocedure bewerkelijk is, geldt evenzeer voor Nederlandse instellingen. Van de gestelde voorwaarden kan niet worden gezegd dat buitenlandse instellingen daarvan in feite worden uitgesloten doordat het voor hen onmogelijk of uiterst moeilijk zou zijn eraan te voldoen. De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor het stellen van prejudiciële vragen.

Bron:Hoge Raad| jurisprudentie| ECLI:NL:HR:2026:136| 29-01-2026
  1. Algemeen

In deze privacyvoorwaarden wordt verstaan onder:

  • Algemene voorwaarden: de Algemene voorwaarden van Verwerker, die onverkort van toepassing zijn op iedere afspraak tussen Verwerker en Verantwoordelijke en van welke Algemene voorwaarden deze privacyvoorwaarden onlosmakelijk deel uitmaken.
  • Verwerker: de Vennootschap onder firma A&L Finance h/o AL Raad & Partners, statutair gevestigd te en kantoorhoudende aan Multatulilaan 10 te Roosendaal en alle aan gelieerde entiteiten, waaronder maar niet uitsluitend, eveneens Opdrachtnemer.
  • Gegevens: de persoonsgegevens zoals omschreven in Annex 1.
  • Opdrachtgever: de natuurlijke persoon of rechtspersoon die aan Opdrachtnemer opdracht heeft gegeven tot het verrichten van Werkzaamheden, eveneens Verantwoordelijke.
  • Opdrachtnemer: de Vennootschap onder firma A&L Finance h/o AL Raad & Partners, statutair gevestigd te en kantoorhoudende aan Multatulilaan 10 4707 LZ te Roosendaal eveneens Verwerker.
  • Overeenkomst: elke afspraak tussen Opdrachtgever en Opdrachtnemer tot het verrichten van Werkzaamheden door Opdrachtnemer ten behoeve van de Opdrachtgever, conform het bepaalde in de opdrachtbevestiging.
  • Verantwoordelijke: de Opdrachtgever die als natuurlijk persoon of rechtspersoon aan de Opdrachtnemer, eveneens Verwerker, opdracht heeft gegeven tot het verrichten van Werkzaamheden.
  • Werkzaamheden: alle werkzaamheden waartoe opdracht is gegeven, of die door Opdrachtnemer uit anderen hoofde worden verricht. Het voorgaande geldt in de ruimste zin van het woord en omvat in ieder geval de werkzaamheden zoals vermeld in de opdrachtbevestiging.

 

  1. Toepasselijkheid privacyvoorwaarden
  • Deze privacyvoorwaarden zijn van toepassing op alle gegevens die in het kader van de uitvoering van de Overeenkomst met Opdrachtgever door Opdrachtnemer worden verzameld voor Opdrachtgever, alsmede op alle uit de Overeenkomst voor Opdrachtnemer voortvloeiende Werkzaamheden en de in dat kader te verzamelen gegevens.
  • Verantwoordelijke is verantwoordelijk voor de verwerking van de Gegevens zoals omschreven in Annex 1.
  • Bij de uitvoering van de Overeenkomst verwerkt Verwerker bepaalde persoonsgegevens voor Verantwoordelijke.
  • Dit is een verwerkersovereenkomst is de zin van artikel 28 lid 3 Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), waarin de rechten en verplichtingen ten aanzien van de verwerking van de persoonsgegevens schriftelijk is geregeld, waaronder ten aanzien van de beveiliging. Deze verwerkersovereenkomst in ten opzichte van Verantwoordelijke bindend voor deze Verwerker.
  • Deze privacy-voorwaarden maken, net als de Algemene voorwaarden van Verwerker, onderdeel uit van de Overeenkomst en alle toekomstige overeenkomsten tussen partijen.

 

  1. Reikwijdte privacy-voorwaarden
  • Met het geven van de opdracht tot het verrichten van Werkzaamheden heeft Verantwoordelijke aan Verwerker de opdracht gegeven om de Gegevens te verwerken namens de Verantwoordelijke op de wijze zoals omschreven in Annex 1 in overeenstemming met de bepalingen van deze privacy-voorwaarden.
  • Verwerker verwerkt de Gegevens uitsluitend in overeenstemming met deze privacy-voorwaarden, met name met hetgeen is opgenomen in Annex 1. Verwerker bevestigt de Gegevens niet voor andere doeleinden te verwerken.
  • De zeggenschap over de Gegevens komt nooit bij Verwerker te rusten.
  • De Verantwoordelijke kan additionele, schriftelijke instructies aan Verwerker geven vanwege aanpassingen of wijzigingen in de van toepassing zijnde regelgeving op het gebied van bescherming van persoonsgegevens.
  • Verwerker verwerkt de Gegevens enkel in de Europese Economische Ruimte.

 

  1. Verplichting Verantwoordelijke
  • Verantwoordelijke treft de nodige maatregelen opdat persoonsgegevens, gelet op de doeleinden waarvoor zij worden verzameld of vervolgens worden verwerkt, juist en nauwkeurig zijn en als zodanig ook aan Verwerker worden verstrekt.

 

  1. Geheimhouding
  • Verwerker en de personen die in dienst zijn van Verwerker dan wel werkzaamheden voor hem verrichten, voor zover deze personen toegang hebben tot persoonsgegevens, verwerken de Gegevens slechts in opdracht van Verantwoordelijke, behoudens afwijkende wettelijke verplichtingen.
  • Verwerker en de personen die in dienst zijn van Verwerker dan wel werkzaamheden voor hem verrichten, voor zover deze personen toegang hebben tot persoonsgegevens, zijn verplicht tot geheimhouding van de persoonsgegevens waarvan zij kennis nemen, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hen tot mededeling verplicht of uit een taak de noodzaak tot mededeling voortvloeit.

 

  1. Geen verdere verstrekking
  • Verwerker zal de gegevens niet delen met of verstrekken aan derden, tenzij Verwerker daartoe voorafgaande, schriftelijke toestemming of opdracht heeft verkregen van Verantwoordelijke of op grond van dwingendrechtelijke regelgeving daartoe verplicht is. Indien Verwerker op grond van dwingendrechtelijke regelgeving verplicht is om de Gegevens te delen met of te verstrekken aan derden, dan zal Verwerker de Verantwoordelijke hierover schriftelijk informeren, tenzij dit niet is toegestaan onder de genoemde regelgeving.

 

  1. Beveiligingsmaatregelen
  • Verwerker zal – rekening houdend met de van toepassing zijnde regelgeving op het gebied van bescherming van Gegevens, de stand van de techniek en de kosten van tenuitvoerlegging – technische en organisatorische beveiligingsmaatregelen treffen om de Gegevens te beveiligen tegen verlies of tegen enige vorm van onrechtmatige verwerking. De beveiligingsmaatregelen die thans zijn genomen, zijn in Annex 2 bepaald.
  • Verwerker zorgt voor maatregelen die er mede op gericht zijn onnodige verzameling en verdere verwerking van persoonsgegevens te voorkomen.
  • De gegevens worden uitsluitend opgeslagen en verwerkt binnen de Europese Economische Ruimte.

 

  1. Toezicht op naleving
  • Verwerker zal verantwoordelijke op diens verzoek en voor diens rekening inlichtingen verschaffen over de Verwerking van de Gegevens door Verwerker of Sub-verwerkers. Verwerker zal de gevraagde inlichtingen zo snel mogelijk verstrekken, doch uiterlijk binnen vijf werkdagen.
  • Verantwoordelijke heeft eenmaal per jaar en voor eigen rekening het recht om een door Verantwoordelijke en Verwerker gezamenlijk aan te wijzen onafhankelijke derde een inspectie te laten uitvoeren om te verifiëren of Verwerker de verplichtingen onder de AVG en deze verwerkersovereenkomst nakomt. Verwerker zal daaraan alle redelijkerwijs noodzakelijke medewerking verlenen. Verwerker heeft het recht om haar kosten die gepaard gaan met de inspectie in rekening te brengen bij Verantwoordelijke.
  • Verwerker zal in het kader van haar verplichting onder lid 1 van dit artikel aan Verantwoordelijke dan wel een daartoe door Verantwoordelijke ingeschakelde derde in ieder geval:

 

  • Alle relevante inlichtingen en documenten verstrekken;
  • Toegang verlenen tot alle relevante gebouwen, informatiesystemen en gegevens.

 

  • Verantwoordelijke en Verwerker zullen zo spoedig mogelijk na het gereedkomen van het rapport met elkaar in overleg treden om de eventuele risico’s en tekortkomingen te adresseren. Verwerker zal op kosten van Verantwoordelijke maatregelen nemen om de geconstateerde risico’s en tekortkomingen op een voor Verantwoordelijke acceptabel niveau te brengen respectievelijk op te heffen, tenzij partijen schriftelijk anders overeen zijn gekomen.

 

  1. Datalek
  • Zo spoedig mogelijk nadat Verwerker kennis neemt van een incident of datalek dat (mede) betrekking heeft of kan hebben op de Gegevens, stelt Verwerker Verantwoordelijke hiervan op de hoogte via de bij Verwerker bekende contactgegevens van Verantwoordelijke en zal Verwerker informatie verstrekken over: de aard van het incident of de datalek, de getroffen Gegevens, de vastgestelde en verwachte gevolgen van het incident of datalek op de Gegevens en de maatregelen die Verwerker heeft getroffen en zal treffen.
  • Verwerker zal Verantwoordelijke ondersteunen bij meldingen aan betrokkenen en/of autoriteiten.

 

  1. Sub-verwerkers
  • Indien Verwerker op grond van de Overeenkomst zijn verplichtingen mag uitbesteden aan derden, legt Verwerker aan de betreffende derde deze privacy-voorwaarden op, dan wel sluit Verwerker met deze sub-verwerker een (sub)verwerkersovereenkomst betreffende de verantwoordelijkheden en verplichtingen van de sub-verwerker.

  

  1. Medewerkingsplichten en rechten van betrokkenen
  • Verwerker zal Verantwoordelijke op verzoek medewerking verlenen in geval van een klacht, vraag of verzoek van een betrokkene, dan wel onderzoek of inspecties door de Autoriteit Persoonsgegevens.
  • Verwerker zal Verantwoordelijke op dienst verzoek en voor diens rekening bijstaand bij het uitvoeren van een gegevensbescherming-effectbeoordeling.
  • Als Verwerker rechtstreeks van een betrokken een verzoek om inzage, correctie of verwijdering van zijn of haar Gegevens ontvangt, informeert Verwerk Verantwoordelijke binnen twee werkdagen over de ontvangst van het verzoek. Verwerker voert zo snel mogelijk alle instructies uit die Verantwoordelijke schriftelijk aan Verwerker geeft als gevolg van zodanig verzoek van betrokkene. Verwerker treft de noodzakelijke passende technische en organisatorische maatregelen die nodig zijn om te voldoen aan dergelijke instructies van Verantwoordelijke.
  • Indien instructies van Verantwoordelijke aan Verwerker strijd opleveren met enige wettelijke bepalingen omtrent gegevensbescherming, meldt Verwerker dit bij Verantwoordelijke.

 

  1.  Duur en beëindiging
  • Deze privacy-voorwaarden zijn geldig zolang Verwerker de opdracht heeft van Verantwoordelijke om Gegevens te verwerken op grond van de Overeenkomst tussen Verantwoordelijke en Verwerker. Zolang door Verwerker Werkzaamheden worden verricht ten behoeve van Verantwoordelijke zijn deze privacyvoorwaarden op deze relatie van toepassing.
  • Indien Verwerker op grond van een wettelijke bewaarplicht bepaalde gegevens en/of documenten, computerdisks of andere gegevensdragers waarop of waarin zich Gegevens bevinden gedurende een wettelijke termijn moet bewaren, dan zal Verwerker zorgdragen voor de vernietiging van deze gegevens of documenten, computerdisks of andere gegevensdragers binnen 4 weken na beëindiging van de wettelijke bewaarplicht.
  • Bij beëindiging van de Overeenkomst tussen Verantwoordelijke en Verwerker kan Verantwoordelijke aan Verwerker verzoeken om alle documenten, computerdisks en andere gegevensdragers, waarop of waarin zich gegevens bevinden, te retourneren aan Verantwoordelijke, voor rekening van Verantwoordelijke. In geval van retournering zal Verwerker de gegevens verstrekken in de vorm zoals bij Verwerker aanwezig.
  • Onverlet hetgeen voor het overige in dit artikel 12 is bepaald, zal Verwerker na beëindiging van de Overeenkomst geen Gegevens houden noch gebruiken.

 

  1. Nietigheid
  • Indien één of meerdere bepalingen uit deze privacyvoorwaarden nietig zijn of vernietigd worden, blijven de overige voorwaarden volledig van toepassing. Indien enige bepaling van deze privacyvoorwaarden niet rechtsgeldig is, zullen partijen over de inhoud van een nieuwe bepaling onderhandelen, welke bepaling de inhoud van de oorspronkelijke bepaling zo dicht mogelijk benaderd.

 

  1. Toepasselijk recht en forumkeuze
  • Op deze privacy-voorwaarden is Nederlands recht van toepassing.
  • Alle geschillen in verband met de privacyvoorwaarden of de uitvoering daarvan worden voorgelegd aan de bevoegde rechter bij de rechtbank Breda, behoudens voor zover dwingend rechtelijke competentieregels aan deze forumkeuze in de weg zouden staan.

 

ANNEX 1

GEGEVENS EN DOELEINDEN

 

PERSOONSGEGEVENS

 

De Verantwoordelijke laat de Verwerker de volgende persoonsgegevens door Verwerker verwerken in het kader van de opdracht, waaronder maar niet uitsluitend, kunnen vallen personeelsadministratie, loonadministratie, financiële verslaglegging:

 

  • Toegangs- of identificatiegegevens (bijvoorbeeld inlognaam / wachtwoord of klantnummer)
  • Naam (initialen, achternaam)
  • Telefoonnummer
  • E-mailadres
  • Geslacht, geboortedatum en/of leeftijd
  • Straat, huisnummer, postcode, woonplaats, land
  • Functie / beroep
  • Kenteken auto
  • Gegevens ID-bewijs (in verband met de Wwft)
  • Financiële gegevens, zowel zakelijk als privé
  • NAW-gegevens en BSN van personeelsleden van Verantwoordelijke

U bepaalt welke persoonsgegevens worden verwerkt en op welke wijze. U bent verantwoordelijk voor deze verwerking.

DOELEINDEN

 

De werkzaamheden waarvoor bovengenoemde Gegevens mogen worden verwerkt, uitsluitend indien noodzakelijk, zijn in ieder geval:

 

  • De werkzaamheden, te beschouwen als de primaire dienstverlening, in het kader waarvan Verantwoordelijke een opdracht heeft verstrekt aan Verwerker;
  • het onderhoud, waaronder updates en releases van het door Verwerker dan wel sub-verwerker aan Verantwoordelijke ter beschikking gestelde systeem;
  • het gegevens- en technische beheer, ook door een sub-verwerker;
  • de hosting, ook door een sub-verwerker.

 

 

CATEGORIEËN VAN BETROKKENEN

 

De persoonsgegevens die verwerkt worden hebben hoofdzakelijk betrekking op natuurlijke personen (betrokkenen) waaronder de medewerkers van Verantwoordelijke en natuurlijke personen die en relatie hebben met Verantwoordelijke (bijvoorbeeld klanten, toeleveranciers, leden, bezoekers, gasten, medewerkers, consumenten, burgers).

 

DERDEN

 

Wij schakelen onder andere deze derden (sub-verwerkers) in bij het uitvoeren van de onderliggende opdracht:

 

  • Onze systeembeheerder (Daemen-ICT)
  • Softwareleveranciers (zoals salarissoftwarepakket NMBRS en Loon van Loon salarissoftware B.V., rapportagesoftware UNIT4 Audition, financiële administratiestoftware Unit4 Accounting, Accountview en/of AFAS, aangiftesoftware AFAS Fiscaal insite alsmede scanprogramma’s Elvy en Basecone.

 

 

ANNEX 2

BEVEILIGINGSMAATREGELEN

 

 

BEVELIGINGSMAATREGELEN

 

De Verwerker heeft ter bescherming van de Persoonsgegevens tegen verlies of onrechtmatige Verwerking in ieder geval de volgende technische en organisatorische beveiligingsmaatregelen getroffen:

  • backup- en herstelprocedures;
  • beveiliging van netwerkverbindingen;
  • bevoegdheden zijn toegewezen aan een beperkt aantal personen die met de uitvoering van de verwerking zijn belast (inclusief een periodieke controle hierop);
  • geïmplementeerd beveiligingsbeleid (incl. periodieke controle en implementatie van

wijzigingen hierop);

  • geheimhoudingsverklaringen in arbeidscontracten;
  • indringeralarm;
  • logische toegangscontrole door middel van wachtwoorden en persoonlijke

toegangscodes;

  • logging en controle van toegang tot de persoonsgegevens;
  • sub-verwerkersovereenkomsten met derden;
  • veilige wijze voor het opslaan van gegevensbestanden.
We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. Als u doorgaat met het gebruiken van de website, gaan we er vanuit dat ermee instemt.